verdubbelen – 5 zinnen met het werkwoord van de week Welke werkwoordsvorm past in de zin? De minister … het bedrag dat hij aanvankelijk had toegezegd. verdubbeld verdubbelt Persoonsvorm tt, onderwerp hij (of te vervangen door hij): ik-vorm tt verdubbel + t. (Hij-vorm tt: altijd ik-vorm tt + t, dus niet langer maken om te horen of je een d of een t schrijft.) meer uitleg werkwoordschema In die periode is hun energiegebruik … . verdubbeld verdubbelt Voltooid deelwoord; geen persoonsvorm, dus gewone spellingregels. Langer maken: verdubbeld, want je hoort /verdubbelde/. (Of met de regel van ’t kofschip: verdubbelen – l geen medeklinker ’t kofschip.) meer uitleg werkwoordschema PSV … de voorsprong. Vijf minuten geleden stond het nog 2 – 0, nu 4 – 0. verdubbeld verdubbelt Persoonsvorm tt, onderwerp hij (of te vervangen door hij): ik-vorm tt verdubbel + t. (Hij-vorm tt: altijd ik-vorm tt + t, dus niet langer maken om te horen of je een d of een t schrijft.) meer uitleg werkwoordschema Ze … haar bod, maar dat is waarschijnlijk toch te weinig om het schilderij te bemachtigen. verdubbeld verdubbelt Persoonsvorm tt, onderwerp hij (of te vervangen door hij): ik-vorm tt verdubbel + t. (Hij-vorm tt: altijd ik-vorm tt + t, dus niet langer maken om te horen of je een d of een t schrijft.) meer uitleg werkwoordschema Het concept slaat aan. Het aantal deelnemers is in een paar jaar tijd … . verdubbeld verdubbelt Voltooid deelwoord; geen persoonsvorm, dus gewone spellingregels. Langer maken: verdubbeld, want je hoort /verdubbelde/. (Of met de regel van ’t kofschip: verdubbelen – l geen medeklinker ’t kofschip.) meer uitleg werkwoordschema Uw score is opnieuw