werkwoordschema belonen
– zwak werkwoord (geen klinkerverandering in de vt)
– in het hele werkwoord voor en geen medeklinker van ’t kofschip
de vijf persoonsvormen:
tegenwoordige tijd (tt):
- ik beloon
- hij beloont
- wij belonen
verleden tijd (vt):
- ik, hij beloonde
- wij beloonden
NB: De gebiedende wijs is gelijk aan de ik-vorm tt: Beloon de hond daarvoor!
geen persoonsvorm
voltooid deelwoord:
- ik heb beloond
daarvan afgeleid bijvoeglijk naamwoord:
- de beloonde eerlijke vinder
andere vormen:
- belonend
- een beter belonende opdrachtgever
