werkwoordschema verwaarlozen
– zwak werkwoord (geen klinkerverandering in de vt)
– in het hele werkwoord voor en geen medeklinker van ’t kofschip
de vijf persoonsvormen:
tegenwoordige tijd:
- ik verwaarloos
- hij verwaarloost
- wij verwaarlozen
verleden tijd:
- ik, hij verwaarloosde
- wij verwaarloosden
NB: De gebiedende wijs is gelijk aan de ik-vorm tt: Verwaarloos dat niet!
geen persoonsvorm
voltooid deelwoord:
- ik heb verwaarloosd
daarvan afgeleid bijvoeglijk naamwoord:
- het verwaarloosde huisdier
andere vormen:
- verwaarlozend
- de opvoeding verwaarlozende ouders
